Julie's profileJulie in SchotlandPhotosBlogLists Tools Help

Julie Badisco

Occupation
Location
"Doedelen, dutten en dagdromen"

Julie in Schotland

... en ver daarbuiten
7/1/2009

Samen onderweg

1 juli. Als ware het op commando trekt iedereen zich terug uit het sociale leven. Net nu ik me verzoend had met de dagelijkse taferelen op weg van en naar het werk, die recht uit ‘The Truman Show’ leken te komen, moet ik op zoek naar een nieuwe houvast. Weg postbode die ik elke dag om 8u33 kruiste aan de linkerkant van de Aarschotsesteenweg, weg dame die om 8u35 de hoek om wandelde en aan dezelfde bushalte kwam staan als ik. En vooral, weg rust op de trein.

Tijdens de zomer besef je pas hoe rustig en gedisciplineerd pendelaars zich verplaatsen. Akkoord, je bereikt nooit het absolute zen-punt, maar ergens heerst een ongeschreven regel dat iedereen rustig ontwaakt, de krant leest of discreet belt om een vergadering te verplaatsen. Een beetje ‘wij zijn samen onderweg’. Halleluja.

Maar helaas, vanaf vandaag stel ik mij bloot aan krijsende kinderen in overvolle treincoupés, die – met emmertje en schopje op de schoot – om de vijf minuten vragen of ze al in Blankenberge zijn. Soms vraag ik me af wat er zou gebeuren als ik mijn ogen dichtdeed en wakker werd met zicht op de dijk. Ik wil het lot niet tarten, maar voor de zekerheid hul ik me dezer dagen toch steeds in een outfit die ook op het strand kan gedijen. Nu ja, het is dan ook bijna dertig graden buiten. Dan mag dat.

Toch houden de pendelaars vol, en hanteren ze een extra ongeschreven regel: ga en troep samen in dezelfde wagon. Zo bevond ik me vandaag in het compartiment dat eigenlijk voorbehouden is voor fietsen, maar waar twee rijen banken tegenover elkaar staan. Een beetje zoals in de metro. Gek genoeg wil geen enkele toerist op die manier reizen, want hij zou een stuk van het voorbijglijdende landschap kunnen missen. En laat dat net hetgene zijn wat pendelaars worst zal wezen. De krant of de Humo zijn veel interessanter om de rit te doden. Dankjewel, medereizigers, het was me weer zeer aangenaam vandaag.

Wanneer ik dan in Brussel-Noord uitstap, mis ik zelfs de bejaarden die de voorbije weken klaarstonden op het perron om zich een plaatsje op de trein naar zee te zoeken. Leve het goedkope seniorenbiljet, geldig vanaf negen uur ‘s ochtends, en leve de trein om kwart over negen. Haast als aasgieren stonden ze klaar, de permanents strak getrimd, het zijden sjaaltje kreukloos om de hals.

Maar tijdens het zomerreces houdt ook deze bevolkingsgroep zich koest. Ze laten de zee voor twee maanden aan de schoolplichtigen, en kijken al reikhalzend uit naar de eerste dag van september. Wees maar gerust dat ze dan met grote grijns en seniorenbiljet in de hand hun troon terug opeisen.

Intussen blijf ik kamperen op VUB plage. Gewoon, omdat gras tussen de tenen aangenamer is dan zand. En omdat die betonnen bunkers tijdens de drie weken op een jaar dat de temperatuur naar de dertig klimt, best een aangename plaats om te vertoeven zijn. En ze hebben er ook ijsjes, net als aan zee. Eat this, Blankenberge.

6/21/2009

Two-sided showbizz

Julie is naar het grote ‘hoera, vtm bestaat 20 jaar’-feest gegaan. Neen, als menswetenschapper word je daar niet uitgenodigd. Via werkende wederhelften wel. Ik ontwaarde een schouwspel vol blingbling, platte BV’s, speeches en managersklap, en vooral veel champagne. Toen ik Anne De Baetzelier zag, wou ik haar graag feliciteren met de succesvolle lancering van haar politieke carrière, maar gelukkig kwam er op dat moment net een ober met een nieuw glas champagne aan. Idem voor Karel De Ruwe trouwens.

Het is mooi jezelf voor te houden dat je televisie maakt voor het Vlaamsche volk. Net als bij de VRT hangt aan die redenering een ranzig kantje van volksopvoeding, alleen klinkt het hier nog hypocrieter. Zeker wanneer het uit de doorrookte mond van aandeelhouders à la Christian Van Thillo komt. Volksverheffing en aandelen, de perfecte combinatie? Yeah right.

Opvallend was dat niemand van dat bewuste Vlaamsche volk aanwezig was op het grote democratische feest. Terwijl de grote bazen luidop verkondigen dat ze de polsslag van hun doelgroep perfect aanvoelen, houden ze diezelfde doelgroep toch liefst op verre afstand. Ze zou immers hun buffetten kunnen leegroven. Op de pier van Blankenberge is het toch ook goed vertoeven, niewaar?

Daags nadien voelde ik diezelfde polsslag wel levendig, op de gerenommeerde kermis van Tienen. Vooral de kapsels van de jeugd bij de botsauto’s vond ik fascinerend. Hoe groot zou het debiet van de potten gel in deze stad zijn? In elk geval, geen van deze mensen maakt ooit een kans op een vtm-feestje aan te draven. De prikkeldraad tussen producent en consument is vakkundig uitgerold, en zal nooit doorgeknipt worden. Tenzij voor een reality-programma over de kermis.

Showbizz heeft twee gezichten en zit als een tang op een varken. Geen zot die zich in het oog van de storm wil begeven. Of je staat aan de kant van de overwinningsspeeches, of je draait nog een toertje met de botsauto. Enkel wereldvreemde wetenschappers houden zich met deze materie bezig. Maar wie is er ook zo zot om dàt te doen?

6/14/2009

Belleketrek

Vrijdagavond, acht uur. Ik zit in de zetel mijn krant te lezen met een kop koffie. Wanneer ik naar het cultuurkatern wil doorbladeren, gaat de bel. Nu moet je weten dat ik onze bel nog nooit had gehoord, waardoor mijn reactiesnelheid iets trager ligt dan gewoonlijk. Ja, dat kan echt.

Ik slof naar de parlofoon en zeg met een zoetgevooisde stem ‘Hallo’ (Als nieuwe burger wil je immers een vlotte en dynamische indruk maken). Stilte. Nogmaals: ‘Hallo?’. Stilte, en dan een beetje gegiechel. Kinderlijk gegiechel. Ik neem mij voor om beleefd te zijn, veeg het zich spontaan vormende schuim van mijn lippen en herhaal nogmaals ‘Hallo, gaan jullie nog iets zeggen?’ Dan komt de reactie. ‘Oei, dat is een mens!’

Ik weet niet wat deze kleine snotneuzen hoopten te verwachten, en vraag me af of ik geflatteerd moet zijn dat men mij voor mens aanziet. Met die wijsheid in het achterhoofd hou ik mijn antwoord klaar: ‘Ja, dit is een mens, die jullie nu aan het storen zijn. Daag.’ Einde conversatie. Bij de tweede belpoging doe ik niet meer open en verdiep ik mij halsstarrig in de cultuurbladzijden, doordrenkt met koude koffie.

Belleketrek, het bestaat dus nog. Wij liepen vroeger tenminste weg als we dat speelden. Nu ja, het zullen wel kinderen van de freinetschool geweest zijn. Die geven altijd een eigen invulling aan hun activiteiten.

5/27/2009

Fancy fietsen

Wie in Leuven woont, moet een fiets hebben. Liefst een oud en versleten model met twee splinternieuwe sloten (ja, dieven blijken altijd gespecialiseerd in één soort slot, twee soorten verkleinen de pakkans dus aanzienlijk). Althans, dat is wat ik dacht. Trots zette ik mijn verroest retromodel in de garage in afwachting van de eerste stapjes en van zichzelf oppompende banden.

Groot was mijn verbazing toen ik op de Aarschotsesteenweg de ene fancy fiets na de andere zag passeren. Blits, nieuw, voorzien van kinderzitjes, bolderwagens en fluovestjes. En van kinderen. Nog opmerkelijker vond ik de vaststelling dat wie in de ene richting fietste, een kind met zich meedroeg, en wie in de andere richting ging, enkel een leeg kinderzitje had. Even hoopte ik op een grote kinderverbrandingsoven achter de hoek, en keek nieuwsgierig in de goede richting.

Helaas, het bleek een freinetschool te zijn. Dat verklaarde veel.

5/24/2009

Communiefeest

Het was lang geleden dat ik nog naar een communiefeest was geweest. Zeven jaar of een klein derde van mijn leven om precies te zijn. De plechtige communicant van toen zat er ook bij, wreef eens over zijn jeugdpuistjes en vroeg zich af of hij volgend jaar boekhouden of office management zou studeren. Hij dronk ook bier, dat deed hij zeven jaar geleden nog niet.

De nieuwe communicant leek in alles op zijn voorgangers. Propere kleertjes met bijpassende schoentjes, gretig envelopjes en fietsen in ontvangst nemen, buiten voetballen en binnen een bord vol kroketten koud laten worden. Ja, zelfs de snijtechniek voor het ijslam bleek ongewijzigd. Het enige verschil was dat wij vroeger een Gameboy hadden, en zij nu een PSP met kleurenscherm.

Waar de tijd wel een greep op heeft, zijn de figuranten. In grote mate nog dezelfde als bij de vorige ronde, maar ouder en groter geworden. Of er niet meer bij. Het begrip ‘een bank vooruit’ heeft in deze context ook een heel aparte betekenis. Waar je je communiefeestcarrière begint bij de kindertafel vol gele limonade in de hoek, schuif je nu op naar het midden, waar naamkaartjes staan met ‘de heer & mevrouw’, en waar de limonade bovenal plaats heeft gemaakt voor wijn. De generatie die voorheen in het midden zat, is nu verplaatst naar de andere kant. Druk in de weer met vlees hapklaar te snijden voor onderontwikkelde melktanden, of ontdaan van al die franjes gewoon genietend van het zicht en het eigen vlees aan het snijden, om het hapklaar te krijgen voor het kunstgebit.

Wanneer deze hoogmis van muzikale omnivoriteit zichzelf volledig op gang trok, manifesteerde de generatiekloof zich pas ten volle. Zij die zich in de bovenste leeftijdscategorieën bevonden, trokken zich niets aan van trends en walsten lustig als vanouds op hits van Luc Steeno en Rob De Nys. De opvolggeneratie deed haar werk minstens even waardig, door met een stiekeme blik naar de danspassen van de mama de nieuwe Kathleen van K3 te proberen zijn bij het refrein van ‘Oya le le’. Daar waar beide uitersten van het spectrum hun plaats hadden gevonden, zaten wij, de medioren, verweesd naar ons flesje Carlsberg te staren. Was het het intussen ontwikkelde gevoel voor smaak of een sterk doorgedreven ratio die ons op de bank hield? Of was het omdat we BOB waren? In elk geval, de mayonaise pakte niet meer. Tussen jeugdige verwondering en ouder je-m’en-foutisme gaapte een gigantisch vacuüm, dat gelukkig enigszins werd opgevuld door de als midnight snack geserveerde escargots.

De stoelendans van de tijd zet zich rustig verder. De muziek en de setting blijven ongewijzigd, de figuranten schuiven op en draaien door. Changer!

5/17/2009

Wellness

De kleine Julie is gaan wellnessen. Nooit gedacht dat ze dat ooit zou doen, zo in een schoonheidsinstituut.

Maar wat moet een mens ook altijd doen als weekenduitstapje? Voor de zoveelste keer in een stad gaan rondhossen op zoek naar de mooiste kathedraal, terwijl je vloekt dat je je paraplu vergeten bent omdat het weerbericht zon voorspelde, en omdat je reisgids het slechtste restaurant van de stad als ‘must do’ aanprees.

Daarom dus. Wellness. Geen gezever over bestemmingen en activiteiten, gewoon liggen en ogen dicht. De cd’s met spirituele muziek – in promotie in het Kruidvat – neem je er maar bij.

Ik moet toegeven dat ik me niet op mijn gemak voel in zo’n dingen. Je moet je overgeven aan de handen van iemand die je niet kent, en om interessant over te komen moet je ook een praatje maken over je dagelijkse activiteiten en de reisbestemmingen die je nog wil aandoen. Zaken die me bij de kapper al moeite kosten. Heb ik al gezegd dat je de cd’s met zen-muziek er maar moet bijnemen?

Maar een goede massage, een peeling en een algenpakking (jawel, ik beheers de vakterminologie intussen perfect) zijn zeer aangename ervaringen. Dat ze wonderen doen, wil ik niet gezegd hebben, maar aangenaam en verkwikkend zijn wel degelijk de juiste woorden. Zelfs van een saunabezoek kan ik aanvaarden dat het een helende werking heeft. Hoewel een thermometer die 95 graden aanwijst, mij toch een licht draaierig gevoel geeft. Maar goed, naar ‘t schijnt is dat gezond, jezelf oververhitten en daarna onderkoelen. Soms geloof ik graag wat de mensen mij wijsmaken.

Toen ik dan toch volledig op dreef was, heb ik ook anderhalf baantje getrokken in het zwembad, dat gelukkig maar een postzegel groot was. Zo heb ik mijn jaarlijkse zwemsessie toch ook weer tot een goed einde gebracht.

Om het geheel te vervolledigen hebben we ons de dag erna zelfs blootgesteld aan een jogsessie op de dijk. Zwalpen tussen gocarts en oude mensen, het geeft extra pit aan de zaak. Jammer dat geen enkel kind zijn ijsje liet vallen. Ik had zo graag de traantjes en de grote groene pistachevlek op het pasgewassen T-shirtje gezien.

Ach, nooit te veeleisend zijn. Wellness is al vermoeiend genoeg.

4/6/2009

Gevoel voor timing

Soms vind ik kinderen wél leuk.
Wanneer ze naast mij zitten in de trein, de kruimels van hun koek op hun eigen schoot morsen en wezenloos uit het raam staren bijvoorbeeld. Nog leuker vind ik ze als ze pas beginnen blèren wanneer ik afstap.

Wel beste mensen, dàt noem ik nu eens gevoel voor timing. Respect!